HomePreventiegids › Hoeveel EHBO-ers zijn verplicht in uw bedrijf?

Wetgeving

Brandpreventie en evacuatie: wat moet er minimaal staan?

6 min leestijd · Laurenz Vandewalle · Preventieadviseur niveau 2

Brand- en evacuatieplannen zijn geen vrijblijvend advies — ze zijn wettelijk verplicht voor elke werkgever in België. De Codex Welzijn op het Werk en de ARAB-wetgeving leggen precies vast wat uw noodplan moet bevatten, wie verantwoordelijk is, en hoe u uw werknemers moet voorbereiden. Wie hier niet aan voldoet, riskeert zware sancties bij een inspectie of na een incident.

✅ Snel antwoord

✓ Elke werkgever moet een intern noodplan hebben met evacuatieprocedures en brandbestrijdingsmaatregelen

✓ Vluchtroutes en nooduitgangen moeten duidelijk gesignaleerd zijn en vrij van obstakels

✓ U bent verplicht om periodiek brandoefeningen te organiseren

✓ Er moeten voldoende en goed onderhouden brandblussers aanwezig zijn op de juiste locaties

✓ Werknemers moeten geïnstrueerd worden over brandprocedures bij hun onthaal en bij elke wijziging

Wat zegt de wet over brandpreventie?

De wettelijke basis voor brandpreventie in België is verspreid over meerdere rechtsbronnen: de Codex Welzijn op het Werk (Boek III, Titel 3), het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming (ARAB), en de gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen. Voor specifieke sectoren bestaan bijkomende sectorale normen.

De basisverplichting is duidelijk: elke werkgever moet maatregelen treffen om brand te voorkomen, en als brand toch uitbreekt, moet hij de evacuatie van alle aanwezigen kunnen garanderen. Dat vereist meer dan enkel het ophangen van brandblussers — het vraagt om een systematische aanpak.

Het noodplan: de kern van uw brandpreventiebeleid

Elke onderneming moet een intern noodplan hebben. Dat document beschrijft wat er moet gebeuren bij een noodsituatie: wie doet wat, via welke weg verlaten mensen het gebouw, en wie alarmeer je als eerste? Een goed noodplan omvat minimaal:

  • Een evacuatieplan met duidelijke vluchtroutes en verzamelplaatsen
  • De aanwijzing van een brandwacht of verantwoordelijke voor evacuatie
  • Contactgegevens van hulpdiensten
  • Procedures voor het gebruik van brandblussers en het activeren van brandalarmen
  • Specifieke procedures voor personen met beperkte mobiliteit

Evacuatieroutes en signalisatie

Vluchtroutes moeten vrij zijn van obstakels en duidelijk gesignaleerd met pictogrammen die voldoen aan de Europese norm. Nooduitgangen mogen niet vergrendeld zijn wanneer mensen aanwezig zijn in het gebouw. Noodverlichtingssystemen moeten automatisch inschakelen bij stroomuitval.

De signalisatie moet ook begrijpelijk zijn voor personen die de taal niet spreken — pictogrammen zijn universeel, tekst alleen is niet voldoende in een diverse werkomgeving.

Brandbestrijdingsuitrusting: wat is verplicht?

Het type en de hoeveelheid brandbestrijdingsmateriaal hangt af van uw risicoanalyse de oppervlakte van uw gebouw, en de aard van uw activiteiten. Voor de meeste werkgevers betekent dat minimaal:

  • Draagbare brandblussers: één per 150 m² of per verdieping, op maximaal 15 meter afstand van het risico
  • In ruimten met specifieke risico’s (elektrische kasten, kookruimten, chemische opslagplaatsen): aangepast type blusser
  • Branddetectiesystemen en alarmen in grotere gebouwen

Alle brandblussers moeten jaarlijks gekeurd worden door een erkend controleorgaan. Die keuring moet gedocumenteerd worden.

Brandoefeningen: frequentie en documentatie

U bent verplicht om periodiek evacuatieoefeningen te organiseren. De frequentie hangt af van uw sector en het type activiteiten, maar voor de meeste ondernemingen geldt minimaal één oefening per jaar. Bij de onthaalperiode van nieuwe werknemers moeten de evacuatieprocedures altijd expliciet worden toegelicht.

Documenteer elke oefening: datum, aantal deelnemers, vastgestelde knelpunten en verbeterpunten. Die documentatie is uw bewijs bij een inspectie en helpt u ook om uw veiligheidsprocedures te verbeteren.

Wie is verantwoordelijk voor brandpreventie?

De werkgever draagt de eindverantwoordelijkheid, maar in de praktijk wordt de uitvoering gedelegeerd aan een preventieadviseur of een aangestelde brandwacht. In grotere ondernemingen is een specifieke “preventiemedewerker brandveiligheid” aangewezen. In kleine KMO’s is het dikwijls de zaakvoerder zelf die deze rol opneemt.

De interne preventieadviseur speelt een cruciale rol: hij adviseert bij de opmaak van het noodplan, begeleidt de oefeningen en bewaakt de controle van de blusmiddelen. Als u geen interne preventieadviseur van het eerste niveau heeft, kan een externe dienst voor preventie en bescherming op het werk (EDPB) deze taken opnemen.

Wettelijke basis: Codex Welzijn op het Werk, Boek III Titel 3 (Brandpreventie), ARAB art. 52 e.v.

Verwante artikels:

Hoeveel EHBO-ers zijn verplicht in uw bedrijf?

Onthaal van nieuwe werknemers: wat moet u regelen?

Persoonlijke beschermingsmiddelen: wat zegt de Codex echt?

Zijn uw medewerkers vandaag in orde?

De gratis preventiediagnose geeft u in 30 minuten een helder beeld.

Gratis diagnose aanvragen

📞 0468/358.996


Verwante artikels

EHBO-ers verplicht →

Persoonlijke beschermingsmiddelen →

Onthaal nieuwe werknemers →

Chat met ons!